Wat is de beste Yijing-vertaling?

Deze vraag duikt regelmatig op in mijn mailbox en ik kan ‘m nooit beantwoorden zonder een tegenvraag: wat vind je belangrijk in een Yijing-vertaling? Vind je een letterlijke vertaling belangrijk of ga je voor begrijpelijkheid? Wil je dat de vertaling laat zien hoe de tekst werd begrepen in de tijd van zijn oorsprong (±900-800 v.Chr.), of heb je liever een vertaling die aansluit bij de (latere) confucianistische ideeën over de Yijing?

De meeste vertalingen doen (hetzij bewust, hetzij onbewust) het laatste: ze baseren zich op de confucianistische toelichtingen die er in de loop der eeuwen zijn geschreven en laten deze toelichtingen hun vertaling beïnvloeden. Voorbeelden hiervan zijn de vertalingen van Richard Wilhelm, James Legge, Alfred Huang en in zeker mate ook Han Boering. De afgelopen dertig jaar zijn er echter ook vertalingen gepubliceerd welke uitgaan van de betekenis die de Chinese karakters hadden in de Chinese Brons-tijd. Deze vertalingen zijn soms radicaal anders dan de door latere toelichtingen geïnspireerde versies. Voorbeelden van deze vertalingen zijn de versies van Stephen Field, Richard Rutt, Dennis Schilling en Rainald Simon.

Dit klinkt alsof er alleen maar keus is tussen ofwel een confucianistische vertaling ofwel een letterlijke vertaling, maar zo zwart-wit ligt het gelukkig niet. Er zijn vertalers/bewerkers die naar eigen inzicht tussen deze twee criteria door meanderen en zich bijvoorbeeld laten leiden door persoonlijke ervaringen met het orakel, en toepasbaarheid in de praktijk belangrijker vinden dan het overbrengen van een bepaalde visie of tijdsbeeld. Voorbeelden van zo’n insteek zijn de boeken van Gerben Hellinga en Jack Balkin

Van alle genoemde titels kan ik zeggen dat het prima vertalingen zijn (maar ik ben ook wel zo kritisch dat ik op elke vertaling wat aan te merken heb). Mijn eigen voorkeur ligt bij vertalingen die de Yijing plaatsen in de tijd waarin hij geacht wordt te zijn geschreven, en ik probeer ver te blijven van vertalingen die nadrukkelijk een bepaalde visie of doctrine opdringen. Ik ben behoorlijk fan van de Duitse vertaling van Dennis Schilling, omdat deze goed gemotiveerd en toegelicht is met voetnoten en karakteruitweidingen. Ook het boek van Richard Rutt is een favoriet omdat hij naast zijn vertaling, die maar een klein deel vormt van zijn boek, de achtergrond en geschiedenis van de Yijing uitvoerig behandelt.

Resumerend: ‘de beste’ vertaling bestaat niet – elke vertaling is gedeeltelijk tevens een interpretatie, gemotiveerd door de insteek welke de schrijver heeft gekozen voor zijn werk. Wil je de vertaling vinden die het beste bij je past, vraag je dan af waar een vertaling voor jou aan moet voldoen, en zoek naar het boek wat daar zo veel als mogelijk mee correspondeert. Overigens heb ik in deze beschouwing niet gekeken naar de interpretaties die de meeste schrijvers toevoegen aan hun bewerking van de Yijing. Ik vind die interpretaties niet belangrijk, sterker nog, ik zou liever zien dat ze worden gescheiden van de vertaalde tekst. Het interpreteren is iets wat je zelf moet doen zonder je te laten leiden door wat iemand anders er van vindt.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.